Onderzoek door de deken Amsterdam orde van advocaten naar PGP-bericht

Onderzoek door de deken Amsterdamse orde van advocaten naar PGP-bericht
Ik heb als deken van de Amsterdamse orde van advocaten onderzoek verricht naar het hieronder genoemde PGP-bericht. Gezien mijn wettelijke geheimhoudingsverplichting en de vertrouwelijkheid van de informatie die ik in het kader van mijn onderzoek heb verkregen, moet ik mij beperken tot de volgende mededeling.


E.J. Henrichs
Deken orde van advocaten in het Arrondissement Amsterdam

 

Samenvatting op hoofdlijnen


• Het PGP-bericht waarnaar ik onderzoek heb gedaan, bevat feitelijk correcte informatie over het strafrechtelijk onderzoek in de 26Koper-zaak. Die informatie was op het moment van verzending van dat bericht bekend bij zeven advocaten die verdachten in die zaak bijstonden. Gezien de omstandigheden moet ik aannemen dat die feitelijk correcte informatie afkomstig is van een van deze advocaten.

• Voor alle verdachten in die zaak golden op dat moment zgn. ‘beperkingen’. Daarom moet ook worden aangenomen dat de advocaat die deze informatie heeft verstrekt, tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

• De verzender van het PGP-bericht vermeldt dat hij deze informatie heeft verkregen van het ‘broertje van mussa’. Omdat mr. Kasem één van de advocaten in de 26Koper-zaak was en een broer heeft die Musa heet, kan het PGP-bericht worden opgevat als een aanwijzing dat hij degene was die de informatie heeft verstrekt. Ik heb daarom onderzoek gedaan naar mr. Kasems betrokkenheid bij het bericht.

• Mr. Kasem heeft ontkend dat hij de informatie heeft verstrekt. Hij heeft ook aangegeven zelf nooit over een PGP-telefoon te hebben beschikt.

• Ik heb uitgebreid onderzoek gedaan, maar dit onderzoek heeft geen bewijs of verdere aanwijzingen opgeleverd dat mr. Kasem degene is geweest die de informatie heeft verstrekt. Ik heb ook niet kunnen vaststellen wie de informatie wel heeft verstrekt.

• In het licht van mr. Kasems ontkenning is mijn conclusie dat niet is komen vast te staan dat mr. Kasem de informatie heeft verstrekt aan degene die het PGP-bericht heeft verstuurd. Ik heb daarom geen tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen vastgesteld.

Toelichting


Ten aanzien van onderzoek
• In het kader van mijn onderzoek heb ik uitgebreid en meermaals met mr. Kasem gesproken. Ook heb ik met andere betrokkenen gesproken en stukken opgevraagd, gekregen en bestudeerd. Het OM heb ik gevraagd een aantal zaken na te gaan en mij daarover te informeren. Ook die informatie heb ik bij het onderzoek betrokken.

• Voor het overgrote deel valt de informatie die ik heb verkregen onder mijn wettelijke geheimhoudingsplicht, waardoor ik die informatie niet met derden kan delen.


Ten aanzien van de ‘inhoud’
• Het gaat om een PGP-bericht dat onderdeel uitmaakt van het zgn. verificatie-PV dat het OM in de Marengo-zaak heeft ingebracht. In dat PGP-bericht wordt gemeld dat bepaalde informatie is verkregen van een persoon die één van de verdachten ‘helpt’, het ‘broertje van mussa’.

• Voorop gesteld moet worden dat het gaat om één PGP-bericht over een advocaat, dat is verstuurd door een verdachte van/betrokkene bij zware criminaliteit. Daaruit volgt niet dat de inhoud van die berichten niet waar kan zijn. De berichten zullen echter, zoals ook de rechtbank in het Marengo-proces heeft geoordeeld, met enige terughoudendheid moeten worden beoordeeld.

• Het verificatie-PV bevat niet alleen het PGP-bericht waarnaar ik onderzoek heb gedaan. Het bevat veel méér PGP-berichten waarin wordt gesproken over advocaten. Vermelding verdient dat het verificatie-PV verder geen PGP-berichten bevat waarin over mr. Kasem wordt gesproken als advocaat die informatie over het onderzoek overbrengt.

• Ik moet er weliswaar van uitgaan dat de inhoud van het PGP-bericht van één van de advocaten in de 26Koper-zaak afkomstig is; maar voordat kan worden geconcludeerd dat mr. Kasem degene is die deze informatie heeft verstrekt, zal er toch (enig) ‘steunbewijs’ moeten zijn om vast te kunnen stellen dat die informatie afkomstig is van mr. Kasem. Ik heb dat ‘steunbewijs’ niet aangetroffen en meen dat daarom geen tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen kan worden vastgesteld.

persbericht deken inz onderzoek naar PGB-bericht

 

Terug naar het nieuws-overzicht