In De Rode Hoed werd donderdag 26 maart de jaarvergadering van de Amsterdamse Orde van Advocaten gehouden. De middag had een rijkgevuld programma: naast de verplichte onderdelen als de (her)verkiezing van raadsleden, goedkeuring van de jaarrekening en vaststelling van de hoofdelijke omslag, was er een seminar over sociale veiligheid: ben je sowieso goed bezig als organisatie als er nooit meldingen van ongewenst gedrag zijn? (Spoiler: nee, niet per se.) En natuurlijk was er de uitreiking van de Dekenprijs.
Om met dat laatste te beginnen: die werd dit jaar uitgereikt aan Catie Oberman. Elk jaar kiest de raad iemand die het verschil heeft gemaakt voor de Amsterdamse Orde. Eerdere prijswinnaars waren Eberhardt van der Laan, Saskia Belleman en vorig jaar: Maarten Bohlken van de Praktizijnssocieteit. Catie Oberman ontving de prijs (een beeldje van kunstenaar Albert Zweep) uit handen van deken Emilie van Rijckevorsel-Teeuwen. Die prees haar vanwege haar inspanningen voor de jonge advocaten in de afgelopen 10 jaar en het belang van het bespreekbaar maken van twijfel en onzekerheid onder hen. Als coach van de Jonge Balie is Oberman vraagbaak en luisterend oor. In haar dankwoord benadrukte Oberman dat er veel onnodig wordt geleden in de advocatuur, en dat zij het fijn vindt dat zij de jonge advocaten als coach kan helpen met praktische tips of simpelweg door mee te denken. “Denk niet dat je de enige bent, én er bestaat een leven buiten de advocatuur”, was haar boodschap aan de jonge advocaten in de zaal.